Verwaarlozing van het leed en onrecht uit de Tweede Wereldoorlog gelden nog steeds voor psychiatrische patiënten en mensen met een verstandelijke beperking. Voor hun nabestaanden is dit een verdrongen geschiedenis. Kinderen en kleinkinderen komen met de vraag: Waarom zijn sommige familieleden uit onze familie verdwenen? Bijna 70 jaar hebben we deze verwaarlozing niet willen onderzoeken. Daar staan we als land niet alleen in. Pas in 2014 is in Duitsland, met zijn ruim twee honderdduizend vermoorde patiënten, een monument opgedragen aan deze mensen.

In onze ambivalente gevoelens over psychiatrische patiënten en mensen met een verstandelijke beperking komt uitsluiting nog te vaak voor. Zij behoren tot de mensen in onze samenleving die als eerste moeten inleveren bij oorlog, crisis of pandemie. Herhaalt deze verschrikkelijke geschiedenis zich straks?

Verwaarlozing tijdens oorlogsjaren

De feiten die al wel bekend zijn spreken voor zich. Massale overbevolking binnen de instellingen, evacuaties en slechte lichamelijke zorg met als gevolg honger, vervuiling, uitputting en sterfte. Onderzoek in 1945 door Canadese artsen toonde aan dat de lichamelijke gevolgen van uitputting nergens in Nederland zo groot was als in een psychiatrisch ziekenhuis in het centrum van ons land.

De gedegen studie van Cecile aan de Stegge en Marco Gietema in 2017 over de oorlogsjaren in een andere instelling  zorgde uiteindelijk voor een doorbraak. Zij beschrijven de ernstige verwaarlozing van “geminachte mensen” met vele doden tot gevolg in de Willem Arntsz Hoeve te Den Dolder. Er zijn andere studies die het beeld van honger, ziekten en uitputting bevestigen en geleid hebben tot gedenkschriften en monumenten.

Daarnaast zijn er gedetailleerde studies naar de joodse slachtoffers binnen de instellingen. Helaas ontbreekt nog een proefschrift over het grootste drama in de sector. De deportatie naar Auschwitz van alle patiënten en hun personeelsleden uit de joodse psychiatrische inrichting het Apeldoornse Bosch. 

Het NIOD is in 2019 begonnen met een diepgaand wetenschappelijk onderzoek om inzicht te krijgen in de problematiek tijdens de oorlogsjaren in de instellingen voor psychiatrie en mensen met beperking. Een studie op verzoek van de beide branche-organisaties Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland en GGZ Nederland en wordt financieel gesteund door hun leden. Daarnaast is er een royale bijdrage van de staatssecretaris. Dit onderzoek zal  weer nieuwe informatie opleveren. Hopelijk wordt zo ook gestimuleerd dat iedere instelling onderzoek doet naar wat er is gebeurd. Eerherstel en gedenken kan zo een onderdeel worden van het herdenken op 4 mei. Er mogen geen “Vergeten Slachtoffers” overblijven. Overleden patiënten verdienen eerherstel en hun nabestaanden hebben recht op een plek om te herdenken.

Belang van herdenken

Voor een menswaardige samenleving is erkenning van de verwaarlozing in de oorlogsjaren en andere crisisperiodes van belang. Belangrijk zijn de verhalen over wat deze patiënten en cliënten is overkomen. Niet alleen voor nabestaanden. Het levend houden en doorgeven van verhalen en herinneringen aan nieuwe en toekomstige generaties is voor ons allen van groot belang. Zo blijven we ons vragen stellen. Wat is er met deze mensen gebeurd? Welke waarde schreven we toe aan hun levens? Hierbij stil staan helpt het stigma te onderkennen en bekrachtigt de wens dit te bestrijden en bevordert inclusie. Inmiddels heeft het Nationale Comité 4 en 5 mei verwaarlozing toegevoegd aan haar herdenkingsactiviteiten. Dus een oproep aan een ieder om deze verhalen te bewaren, op te schrijven en door te geven.

Verwaarlozing in deze tijd

Ondanks vele waarschuwingen is beschermende zorg voor psychiatrische patiënten en mensen met een verstandelijke beperking verwaarloosd.  De verschraling in de zorg is op hun bord terecht gekomen. Bescherming is geen integraal onderdeel meer van de behandeling. Hun zorg vraagt om meer regie, toewijding en aandacht. Juist omdat zij niet vragen sluiten ze achter in de rij aan. Op deze wijze vergroten ze hun eigen ongezondheid en zijn een bron voor onveilige situaties in de samenleving. Worden deze mensen in de coronapandemie en de economische crisis die erop volgt opnieuw uitgesloten? Daar lijkt het nu wel op, gewoonweg omdat zij minder eigen kracht hebben.

Menswaardige aandacht in iedere tijd waarborgen

Het is hartverwarmend tijdens de coronacrisis de liefde en het respect te zien voor elkaar. De stap naar mensen met een verstandelijke beperking en psychiatrische ziekte is niet vanzelfsprekend.  Ondersteunend en lerend is het levend houden van de verhalen uit deze doelgroep in moeilijke perioden zoals de oorlogsjaren ’40-’45 en deze coronatijd.

Een randvoorwaarde is dat burgers erop kunnen vertrouwen dat de overheid, gesteund door professionals, voor voldoende veiligheid zorgt voor deze mensen. Niet langer uitsluiten maar laten deelnemen naar vermogen in onze samenleving. Een breed maatschappelijk en politiek draagvlak is hier voor nodig zodat mensen met een beperking of psychiatrische ziekte anno 2020 ook in vrijheid kunnen leven.

Armand Höppener, Voorzitter Stichting Vergeten Slachtoffers   

9 Gedeeld

Laat een reactie achter